Levenstrein 44

Tureluurster/ juni 11, 2026/ Geen categorie/ 0 commentaren

Een beginnende vrijage in een blok- en examenperiode is niet evident. Omdat ik dat schooljaar te vaak de bloemetjes had buitengezet, moest ik alle zeilen bijzetten. Toen Marc de avond voor ‘economie mondeling’ kwam aanwaaien met een grote bos bloemen (laat verjaardagscadeau) en de vraag of we samen gingen eten, wilde ik manhaftig weigeren, maar dat vergat ik door de blik in zijn ogen. We kwamen terecht bij de (toen nog enige) Griek van Gent. Mijn allereerste restaurantbezoek (ja, ja, op mijn twintigste!), een kennismaking met moussaka, olijven en look😉.

Bij het ontbijt de volgende morgen deinsden mijn kotmaatjes achteruit. ‘Hebt gij look gegeten,’ vroeg Anita.
‘Hoe weet gij dat?’
Ze rolde met haar ogen. ‘Mens, ge stinkt van hier tot in Tokio. Wie eet er nu look vóór een mondeling?!’
‘Ik kende dat niet,’ zei ik, ‘en ’t was lekker.’
Ze stopte me een paar koffiebonen toe. ‘Opknabbelen. Allemaal.’
Veel hielp het niet. Ook mijn examinator deinsde zichtbaar terug toen ik ging zitten. ‘Sorry,’ zei ik. ‘Voor het eerst in mijn leven look gegeten.’
‘Onmatig veel,’ zei hij. ‘Niet te harden.’ Hij keek in zijn papieren. ‘Met Kerstmis haalde ge 95, klopt dat?’
Ik knikte.
‘Oké. Ge krijgt één vraag. Hebt ge die goed, dan behoudt ge die 95. Hebt ge ze fout, dan wordt het 90.’
Ik had ze goed.

De morgen na mijn laatste examen stond Marc bij mij aan de deur. Of ik al in Parijs was geweest?
‘Nee.’
‘Wel, dan wordt het nu de eerste keer. Kom, we zijn weg.’
Ik stopte wat kleren en toiletgerief in mijn rugzakje, en we vertrokken.
Geen reservaties in die tijd, geen gedoe. Gewoon naar het station. Daar de trein op naar Brussel. Vandaar naar Parijs. Ik keek mijn ogen uit. Een stad van die afmetingen en met zoveel vertier, dat had ik me zelfs niet kunnen voorstellen. Het was daar dat ik (naar mijn gevoel) écht verliefd op hem werd. Zijn Frans was stukken beter dan het mijne, en hij gidste me daar rond alsof hij er zijn halve leven had gewoond. We sliepen in Villa des roses. De titel van een roman van Elsschot.

We bezochten de grote trekpleisters, zagen Parijs ontwaken bij de Hallen waar we uiensoep aten, vergaapten ons aan de winkels, doken het nachtleven in. Ergens hier in huis ligt nog een gesigneerde LP van Al Lirvat, een jazzmuzikant die we zagen optreden.

Uiteindelijk keerden we terug van de honger. Voor de jongeren zal het middeleeuws klinken, maar er bestonden nog geen bankkaarten of geldautomaten. Ging je op reis, dan nam je cash geld mee dat je ter plekke omwisselde voor de lokale munt. Het bedrag dat wij op zak hadden, was berekend op de prijzen van Gent, niet op die van Parijs. Onze laatste dag ginder moesten we het redden met één broodje voor ons twee. Het maakte niet zoveel uit. Met lucht en liefde hielden we ons ook wel op de been!

 

Deel dit bericht

Reageer hier